|
Diatomeeanalyses werden door mij gedaan op volgende
sites in o.a. West-Vlaanderen (voor het IAP);
Romeins- en Middeleeuws Oudenburg, Raversijde,
Zandvoorde, Evendijk (Hoeke- Damme). In Oost-
Vlaanderen; Meerendree, Aalter, Gent, Maldegem,
Ename. Bij de Maaswerken in Nederlands Limburg
(universiteit Leiden) werd er bij verschillende
opgravingcampagnes gebruik gemaakt van diatomeeënonderzoek.
Een onderzoek op zgn. Romeins technisch- en kustaardewerk
gevonden in 31 sites verspreidt over Vlaanderen
en Noord Frankrijk, de bedoeling was om aan de
hand van diatomeeanalyse tot de plaats van herkomst
van het aardewerk te komen en zo een bepaald handelstracé
op te stellen. Een dergelijk project loopt nog
in samenwerking met de universiteit van Catamarca,
N.W. Argentinië, waar men probeert het handelstracé
van Inca keramiek te bepalen. Een aantal proefprojecten
werden gestart met de universiteit van York om
via diatomeeën gevonden in mossel- en oesterschelpen
uit diverse sites een mogelijke plaats van herkomst
te bepalen.
Als resultaat van een diatomeeënonderzoek
kan ik bvb. deze vermelden van Oudenburg.
Hierbij bleek dat het onderzochte terrein tijdens
de periode van het einde van de 2de tot het midden
van de 3de eeuw een ruraal karakter had en kan
beschreven worden als een open vochtig landschap,
wellicht grasland, waarin een opvallend zilte
invloed merkbaar was. Samen met een sterke vervuiling,
hoogstwaarschijnlijk door de uitwerpselen van
dieren, doet dit veronderstellen dat de gronden
voor veeteelt werden benut. De zilte invloed duidt
aan dat de invloed van de zee zich tijdens de
zgn. 'Romeinse regressiefase', wellicht via getijdengeulen,
nog tot aan de rand van de kustvlakte manifesteerde.
Tijdens de vol- middeleeuwse periode (11de - 12de
eeuw) is van een mariene invloed geen sprake meer.
|